De Body Mass Index (BMI) is een weergave van de verhouding tussen jouw gewicht en jouw lengte. Omdat ze rekening houdt met de lichaamslengte, is het een betere weergave van het totale percentage lichaamsvet, dan het lichaamsgewicht alleen. Er zijn ook nadelen verbonden aan het gebruik van de BMI. Het is een zeer goed hulpmiddel om de situatie van bevolkingsgroepen in te schatten. Ze is minder nauwkeurig wanneer ze toegepast wordt op individuen. Zo houdt de schaal geen rekening met ras, leeftijd, geslacht of spiermassa. Er wordt enkel onderscheid gemaakt tussen volwassen (+20 jaar) en kinderen en tieners (-20 jaar).
De BMI wordt als volgt berekend:
BMI (kg/m²)= lichaamsgewicht in kg / lichaamslengte in het kwadraat
vb. gewicht: 80 kg, lengte 1,84m; BMI 80kg/(1,84×1,84)=23,6 kg/m²
De BMI wordt voor jongeren op dezelfde manier berekend. Omdat het lichaam van kinderen niet dezelfde verhoudingen heeft dan dat van een volwassene, is de referentieschaal van de BMI (18,5 tot 24,9) niet bruikbaar. De BMI van de jongere wordt vergeleken met de BMI van andere kinderen van dezelfde leeftijd. Aan de hand van de plaats op de schaal, wordt de jongere een percentage toegekend. Wanneer een jongere 40% haalt op de schaal, wilt dat zeggen dat 40 jongeren een lagere BMI hebben en 60 jongeren een hogere. Volgende referenties worden gehanteerd:
Kinderen lijden de dag van vandaag meer en meer aan overgewicht. Dit kan lijden tot suikerziekte, hartklachten en zelfs kankers. Daarom wordt er aangeraden om elk jaar bij de kinderarts de BMI van de jongeren te laten meten. Wanneer de jongere op de BMI-schaal hoger dan 85% scoort, is het aan te raden om uit te kijken naar oplossingen om iets aan het overgewicht te doen. Wanneer de BMI hoger dan 95% procent scoort, moet je onmiddellijk overgaan tot actie om het lichaamsgewicht te verminderen.
Dit bericht is gepost op 24 juni 2009 om 14:52 uur en is geplaatst in Dieet algemeen.